19 december 2018 Salarisadministratie

Per 1 januari 2019 gaat de nieuwe Wet invoering extra geboorteverlof in en vervallen de huidige regels voor kraamverlof. Dit betekent dat werknemers vanaf 2019 langer verlof kunnen opnemen na de bevalling van hun partner. De ingangsdatum van het geboorteverlof is 1 januari 2019 en van het aanvullend geboorteverlof 1 juli 2020.

De overheid vindt het belangrijk dat kinderen in de eerste periode na de geboorte zowel hun moeder als de partner van de moeder zien. Het kabinet vervangt daarom met de Wet invoering extra geboorteverlof (WIEG) de regeling van het kraamverlof door een andere verlofregeling, ook om de gelijke positie van vrouwen op de arbeidsmarkt te vergroten. Onder deze regeling heet het verlof dat een werknemer na de bevalling van zijn partner kan opnemen het (aanvullend) geboorteverlof. Het geboorteverlof en het aanvullend geboorteverlof verschillen behoorlijk van het huidige kraamverlof.

Geboorteverlof

Werknemers die fulltime werken krijgen per 1 januari 2019 recht op vijf dagen geboorteverlof. Bij parttimers geldt het aantal dagen naar rato (eenmaal de arbeidsduur per week). Een werknemer die 32 uur per week werkt heeft dus recht op 32 uur verlof. Tijdens het geboorteverlof moet de werkgever het volledige loon van de werknemer doorbetalen.

Let op: Wanneer in de cao of regeling met de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging afwijkende afspraken zijn gemaakt over kraamverlof, blijven deze afspraken – uiterlijk tot 1 juli 2019 – gelden totdat de cao of regeling is verlopen.

Het geboorteverlof gaat na de dag van de bevalling direct in en moet binnen vier weken worden opgenomen. Op de dag van de bevalling heeft de werknemer recht op calamiteitenverlof.

Aanvullend geboorteverlof

Per 1 juli 2020 komt hier nog het aanvullend geboorteverlof bij. Dit verlof duurt maximaal vijfmaal de arbeidsduur per week. De werknemer moet het verlof binnen een half jaar na de geboorte opnemen. Tijdens dit verlof ontvangt de werknemer een uitkering van UWV ter hoogte van 70% van zijn (maximum)dagloon. Het recht op aanvullend geboorteverlof gaat pas in als eerst het geboorteverlof is opgenomen.

Welke partners komen in aanmerking?

Een werknemer heeft recht op geboorteverlof na de bevalling van zijn echtgenoot, de geregistreerde partner, de persoon met wie hij ongehuwd samenwoont of degene van wie hij het kind erkent. Hetzelfde geldt voor vrouwelijke partners. Ook als een werknemer niet samenwoont met de moeder van het kind, maar het kind wel erkent, heeft hij of zij recht op verlof. Hetzelfde geldt wanneer hij of zij wel samenwoont met de moeder, maar niet de biologische vader of moeder is.

Aanvraag en uitbetaling via werkgever

De aanvraag en uitbetaling van de uitkering voor het aanvullend geboorteverlof lopen vanaf juli 2020 via de werkgever. Dit sluit aan bij de huidige processen rondom de zwangerschaps- en bevallingsuitkering en zo hoeft de werknemer niet hoeft te wachten op de uitkering. De  werknemer moet het voornemen om verlof op te nemen tenminste vier weken van tevoren melden bij zijn werkgever. De werknemer mag eerder informeren of, hoeveel en wanneer hij of zij (aanvullend) geboorteverlof zal opnemen.

Verandering van werkgever

Als een werknemer binnen zes maanden na de geboorte van werkgever verandert en nog niet al het (aanvullend) geboorteverlof heeft opgenomen, kan hij of zij het resterende verlof meenemen naar zijn nieuwe werkgever. Dat is in lijn met de regeling die geldt voor ouderschapsverlof.

Adoptie- en pleegzorgverlof

Werknemers hebben nu al recht op een uitkering van 100% van het dagloon en kunnen verlof opnemen vanaf vier weken voor het eerste dag dat het kind in het gezin wordt opgenomen tot 22 weken erna. Dit wijzigt met de nieuwe wet niet. Wat wel wijzigt is de duur van het adoptie- of pleegzorgverlof, die wordt verlengd van vier naar zes weken.

delen:
loading